Onderzoek: Zaankanters positief over Sociale Wijkteams en Jeugdteams


Algemeen oordeel inwoners en vrijwilligers scoort beter ten opzichte van 2014


Inwoners en vrijwilligers die contact hadden met Sociale Wijkteams of Jeugdteams oordelen nu positiever over hun ervaring dan in 2014. Dat blijkt uit onderzoek dat begin 2017 is uitgevoerd onder 939 respondenten. “De afgelopen vier jaar heeft de gemeente niet stilgestaan op het gebied van de jeugdhulp en ondersteuning in de wijk,” licht wethouder jeugd en zorg Jeroen Olthof toe. “Ik ben dan ook blij te zien dat het algemene oordeel is verbeterd ten opzichte van 2014." De Sociale Wijkteams (gemeten met 1 tot 5 sterren) gaan van 3,7 sterren naar 4,4 sterren. Voor ouders die contact hadden met een Jeugdteam is er een kleine stijging van 3,6 naar 3,7 sterren. En tenslotte de jongeren zelf: zij beoordelen hun ervaring met het Jeugdteam ook op 3,7 sterren.
 
In de rapportage (bijlage) wordt nader beschreven wat de ervaringen zijn ten aanzien van specifieke onderdelen. Er is onderscheid gemaakt in de ervaringen op het gebied van resultaat en proces. Denk bij resultaat bijvoorbeeld over hoe tevreden iemand is over de afhandeling van een hulpvraag. Ervaringen rondom het proces hebben betrekking op de bereikbaarheid, klantvriendelijkheid en snelheid van de ondersteuning. Olthof: “De cijfers over de ervaring zien er goed uit, maar uit het rapport komt ook opbouwende kritiek waar de teams mee aan de slag kunnen.”
 
Resultaat
Driekwart (77%) van de deelnemers geeft aan dankzij de ondersteuning van het Sociaal Wijkteam of Jeugdteam een stap verder te zijn gekomen met zijn of haar probleem of vraag. Jongeren zelf scoren met 71% iets –maar niet veel- lager op dit punt. Ruim een derde (37%) van de jongeren kan de problemen na dit contact zelf oplossen en de helft (51%) weet waar of hoe ze de situatie in de toekomst kunnen aanpakken.
 
Tegenstrijdigheid
Op één onderdeel is het oordeel van de inwoners lager dan in de vorige meting. Minder mensen geven aan zelf verder te kunnen. Opmerkelijk is dat het aantal mensen dat aangeeft door de hulp een stap verder gekomen te zijn wel is gestegen. Een tegenstrijdige boodschap dus. Het is niet mogelijk om op basis van dit rapport deze uitkomsten te duiden. “Het is dan ook belangrijk deze verschillen nader te onderzoeken de komende periode,” aldus Olthof.
 
Proces
Olthof licht toe: “Klantvriendelijkheid en bereikbaarheid zijn van groot belang bij de ondersteuning vanuit het Sociaal Wijkteam en of Jeugdteam. Ik ben dan ook blij dat een ruime meerderheid zich serieus genomen voelt. Hoewel drie kwart tevreden is over de snelheid en bereikbaarheid van het Sociaal Wijkteam, kunnen we daar nog wel een slag slaan.” Een deelnemer gaf daarover de tip dat de telefonische bereikbaarheid moet worden verbeterd. Te veel mailcontact werkt vertragend, merkt de deelnemer op. Er moet meer begrip zijn voor het feit dat oudere mensen soms moeite hebben met digitaal contact. De overgrote meerderheid (81%) van de jongeren voelt zich serieus genomen door het Jeugdteam. Zeven op de tien ondervraagde jongeren vindt dat de medewerker mét hen besluit en niet vóór hen. Olthof: “Dat is een mooie uitkomst, maar van mij mogen die cijfers nog wel omhoog.”